WITSTAART HERT  
Het Witstaart Hert komt voor in Zuid Canada, Verenigde Staten (m.u.v. de 3 westelijke staten), centraal Amerika tot aan Bolivia. Ze kunnen overleven in een verscheidenheid van omgevingen: van de uitgestrekte bossen in het noorden van Main tot de moerassen van Florida, van agrarische landschappen tot de desolate vlakten van Texas en Mexico.

Hun voeding is afhankelijk van hun leef-gebied. Daar waar ze in het bos kunnen leven van twijgen, knoppen en gras, moeten ze het in woestijnachtige
omgevingen doen met de yucca, huajillo en cactus-vruchten (prickly pear). Als voedsel in de winter schaars wordt, behoren ook coniferen tot het dieet.

Alleen de mannetjes zijn gewei-dragend. De geweien groeien vanaf april/mei waarbij ze in de late zomer geveegd worden. In de periode januari/maart van
het jaar erop worden de stangen weer afgeworpen.


In de winter is de vacht grijs om in de zomer weer roodbruin te kleuren. Er zit witte vacht om de neus, rond de ogen, in de oren, over de kin en keel, aan de binnenkant van de poten en onder de staart.

Het Witstaart Hert is zeer nerveus en schichtig. Ze zijn m.n. actief rond zonsopgang en van de late middag tot de avond. Als ze vluchten zwaaien ze hun staart op een karakteristieke wijze heen en weer. Zelfs in bosachtig terrein kunnen zijn tot snelheden van zo’n 50 km/uur komen.
Het zijn goede zwemmers die niet zelden een stroom of een meer oversteken om aan een roofdier te ontkomen of op een eiland naar voedsel te zoeken.
 
  Odocoileus virginianus    
 
Hoogte
100 cm
Gewicht
95 kg
Gewei
80 cm
Leeftijd
10 jaar
   
     
     
     
     
 
     
     
       

Ze beperken hun leefgebied tot zo’n vierkante km. Op zoek naar voedsel gebruiken ze telkens dezelfde paden (wissels). Het zijn solitair levende herten, vooral in de zomer. De vrouwelijk kalfjes blijven 2 jaar bij de hinde, de mannetjes zoeken hun eigen weg na het 1e jaar. De kalfjes worden zorgvuldig verborgen als er b.v. voedsel gezocht moet worden. Een kalf ligt dan tot 4 uur in dicht struikgewas zonder te bewegen of zijn behoefte te doen.

Op een groot aantal plekken was het Witstaart Hert door overbejaging praktisch uitgegroeid rond 1900. Door betere regulering en verbetering van leefomgeving wordt het aantal geschat op zo’n 10 miljoen dieren.