STEENBOK  

De steenbok behoort tot de wilde schapen en komt voor in Europa (Pyreneeën, Alpen), de Kaukasus, Oost Afrika (o.a. Ethiopië en Arabisch Schiereiland) en Noord Afrika (Atlas). Hij leeft vooral in rotsachtig berg- landschap, op een hoogte van 1.600 tot 3.200 meter, hoger nog dan de gems. Het is een uitmuntend klimmer en leeft in groepen tot wel zo’n 50 dieren.

De dieren zijn vooral in de schemering actief. Zijn dieet bestaat uit gras,rotsplanten en korstmos. 200 jaar geleden was o.a. het Spaanse Capra ras (Capra pyrenica) bijna uitgeroeid. Intensieve jacht (aan een aantal delen van de steenbok werd een genees- krachtige werking toegeschreven) en concurrentie met schapen en geiten leidde hiertoe. In Cantabrië uitgeroeid sinds 1800, in het Franse deel van de Pyreneeën sinds 1870 is de populatie door strikte bescherming weer uitgegroeid tot zo’n 30.000 dieren.

In de Alpen bedraagt de populatie van C. ibex zo’n 20.000 dieren met een zwaarte punt in de westelijke Alpen.

 
  Capra ibex    
 
Hoogte
94 cm
Gewicht
140 kg
Hoorns
100 cm
Leeftijd
20 jaar
   
     
     
     
     
     
     
       

Zoals bij o.a. de gems vormen zich aan de hoorns een soort van jaarringen waaraan de leeftijd van het dier is af te leiden. De bok heeft achterwaarts gebogen horens, die meer dan één meter lang kunnen worden en aan de voorzijde verscheidene dwarsknobbels vertonen.

In noodgevallen zijn steenbokken in staat zeer nauwe rotskloven door een riskante sprongtechniek naar beneden te vluchten. Hierbij zetten ze zich met alle vier de poten tegen de wand af en bereiken uiteindelijk zigzaggend de bodem van de kloof. Als aanpassing aan de klimmende levenswijze hebben zich unieke hoeven ontwikkeld.







 
up